Winkelcentrum de Coevering lag direct naast de Bosrand. Vanuit onze straat stond je na 100 meter voor de ingang. Het centrum was een mengelmoes van zelfstandige ondernemers, gescheiden door twee concurrerende supermarktketens. De Edah voor de gewone man en de Albert Heijn voor de welgestelden. Vooral de Jerez sherry die de familie Heijn in Nederland introduceerde werd door de mensen uit de Bosrand en nabijgelegen Waleweinlaan graag gekocht.
Voor ons als kinderen was het één grote speeltuin. Rondom het centrum was een groot braakliggend terrein. In de zomers kwam hier vaak een circus, maar het hoogtepunt was de komst van een grote Amerikaanse stuntshow. Amerika was het beloofde land waar alles cool was.
Op de woensdagen keken we naar The Dukes of Hazzard. De neven Luke en Bo Duke reden in de serie in een feloranje Dodge Charger genaamd de General Lee. Ze waren voormalige dranksmokkelaars die er in hun proeftijd alles aan deden om uit de klauwen te blijven van de plaatselijke autoriteiten. De stunts die ze uithaalden vormden voor mij een oneindige bron van inspiratie.
Aan de zijkant van het winkelcentrum stond een openbare telefooncel. Onder het afdakje hingen telefoonboeken aan stalen draden. Met een kwartje kon je bellen naar ieder huis in Nederland. De zware plastic telefoon was voor ons de denkbeeldige verbinding naar Sheriff Rosco P. Coltrane en Boss Hogg uit de serie. Zo belden we opdrachten door en reden we op onze fietsen zo snel als we konden rondom het centrum.
Ik had inmiddels een ‘grote jongens’-fiets en trapte als een volwassen kerel. Die dag speelde ik samen met Jeroen van Lankvelt de serie weer na en belden we met Boss. De denkbeeldige opdracht was om zo snel mogelijk naar de achterkant van de bakker te fietsen. Daar stonden de ouwe kratten opgestapeld. We sprongen op onze fiets en stoven weg. De bocht om naar rechts, langs de cafetaria en richting de sporthal. Om de winkelende bezoekers te beschermen, stonden er betonnen paaltjes voor de achteruitgang van het winkelcentrum. Op hoge snelheid kon je er met 30 cm speling precies langs. Behalve die dag. Mijn trapper bleef hangen en ik sloeg voorover met mijn kruis tegen het stuur. De pijn aan mijn ballen was zo groot dat heel even mijn ademhaling stokte. Ik stond enigszins duizelig op en wilde weer op mijn fiets stappen. Totdat ik zag dat mijn voorvork volledig ontzet was. Ik droop vol tranen af naar huis.
Thuisgekomen troostte Ma me en inspecteerde me van top tot teen. Ik zag de bezorgdheid in haar ogen, waardoor ik me realiseerde dat ik geluk had gehad. En Henk? Die kwam ’s avonds thuis en wist vanaf dat moment dat alles kapot kon, behalve mijn geest.