Ik liep de straat uit op mijn oude gymschoenen en stak over. Linksaf de John Davisstraat in. Mevrouw Botje zei een paar weken later tegen mijn moeder dat ik zo merkwaardig liep. De eerste serieuze deuk in mijn ego was geboren. Ze wist verder niets te duiden of verklaren. Op het schoolplein aangekomen begon de strijd. Overlopen zonder getikt te worden. Vroeg aankomen betekende niet te hoeven tikken. Mijn moeder werkt weer na mijn boterhampauze en mocht mij niet op mijn oude schoenen zien. Dus het was een fijne balans tussen wachten tot mijn moeder ging werken en snel de afschuwelijke grijze Bata schoenen uit trekken. Daar viel niet op te rennen en ik was daarmee gedoemd te verliezen. Een schijnbeweging naar school en terug wisselen was de slinkse routine.